Sinds 1 januari 2019: affectieschade mogelijk.

Harm van Lingen
08 april 2019

Wat is erger: pijnlijke discussies of helemaal geen discussie mogelijk ?

Wanneer iemand letsel oploopt door toedoen van een ander (denk aan een verkeersongeluk, arbeidsongeval, mishandeling, of medische fout) dan is die ander daarvoor aansprakelijk. Alleen diegene die letsel oploopt heeft dan een claim en niet diens familieleden (behoudens een enkele uitzondering). Wanneer iemand overlijdt door toedoen van een ander, is de emotionele  impact erg groot op het gezin, maar jurídisch gezien was de schadeclaim bij overlijden maar zeer beperkt. Alleen de kosten van de  uitvaart en soms de kosten van levensonderhoud, konden geclaimd worden.  Het smart is onmetelijk groot, maar op smartengéld hadden ze geen aanspraak. Dat werd als onrechtvaardig ervaren en daaraan is nu wat gedaan.

Sinds 1 januari 2019 kan er wel een bedrag geclaimd worden door een beperkte kring van directe gezinsleden. Dit kan aan de orde zijn bij overlijden, maar ook bij ‘ernstig en blijvend letsel’. Het bedrag dat gevorderd kan worden varieert van € 12.500,= tot € 20.000,=. Er is door de wetgever bewust gekomen voor vaste bedragen, om discussies te vermijden.

Een  echtgenoot, ouder of kind van een getroffen iemand heeft recht op affectieschade. Dat  is vrij duidelijk. Ook “degene die duurzaam de zorg voor de gekwetste/overleden had en/of degene die juist duurzaam verzorgd werd door de gekwetste/overledene” heeft aanspraken. Daarmee wordt gedoeld op bijv. pleegkinderen en pleegouders. Maar ook “de levensgezel met wie de gekwetste/overledene ten tijde van het voorval een duurzame gemeenschappelijke huishouding voerde” heeft aanspraak op affectieschade. Dat is wel lastig; want wat is een duurzame gemeenschappelijke huishouding? Is twee maanden genoeg; of een half jaar? En volgens de wet heeft ook “een persoon die in een zodanig nauwe persoonlijke relatie tot de gekwetste/overledene  staat dat het redelijk is dat hij/zij gelijk gesteld wordt met de eerder genoemde familieleden” recht op affectieschade. Ook dat is lastig. Van geval tot geval zal bekeken moeten worden waar de grens ligt.  

Een bron van discussie zal ook zijn de vraag of er sprake is van ‘ernstig en blijvend letsel’. Dat het niet om de lichte en tijdelijke letsels gaat is duidelijk.  Maar welke zware gevallen er nog wel onder vallen en welke -net iets minder zware gevallen- niet, zal lastige en pijnlijke discussies gaan opleveren. Het zal moeten gaan om 70 % blijvende invaliditeit; maar ook ónder dat percentage kan er toch een aanspraak op affectieschade zijn als het leven van de gekwetste en diens naaste ernstig is beïnvloed door het voorval.  Dat, maar ook bijv. de zwaarte van psychisch letsel, wordt lastig te beoordelen.

Er kunnen meerdere familieleden zijn die in aanmerking komen voor affectieschade. Als er uit een gezin van 5 personen één iemand overlijdt, is de affectieschadeclaim al snel rond de € 60.000,=. Dat maakt wel duidelijk dat, met de nieuwe regeling, er wel een financieel belang is voor de aansprakelijk gestelde partij (en diens verzekeringsmaatschappij) om de aansprakelijkheid wel ter discussie te stellen, terwijl dat vóór 1 januari 2019 geen discussie opleverde omdat het bedrag dat wel geclaimd kon worden zo weinig was dat dit vaak wel geregeld werd.  

Kortom: waar de wetgever er vroeger voor koos om maar (bijna) niets mogelijk te maken voor nabestaanden, uit angst voor “commercialisering van leed”, zullen er nu de ‘nodige’ lastige en zeer pijnlijke  procedures gevoerd moeten gaan worden over affectieschade. Maar dat is misschien toch minder erg, dan dat de nabestaanden niet alleen hun emotionele verlies moeten dragen, maar ook alle financiële gevolgen ervan, om de discussie maar te vermijden.

Als u in zo’n hele moeilijke situatie zit dan kunnen wij u helpen en steunen bij deze lastige discussies. 

Dit artikel is geschreven door Harm van Lingen, advocaat aansprakelijkheids- en contractenrecht bij Knuwer advocaten te Alkmaar. Bij vragen of opmerkingen kunt u contact opnemen via 072-2001043 of harmvanlingen@knuwer.nl