ALIMENTATIE … TIG.0

Nieuws

Eveline Dirks
31 maart 2016
Familie-, Jeugd- en Erfrecht


Het jaar 2015 was een zwaar jaar voor ons familierechtadvocaten en het lijkt er op dat 2016 niet veel beter wordt. In 2015 zijn er fiscaal een aantal wijzigingen opgetreden: -de alleenstaande ouderkorting kwam als heffingskorting te vervallen; - in plaats daarvan ontving de hoofdverzorgende ouder een hoger kindgebonden budget (hierna: KGB) door de invoering van een zogenaamde alleenstaande-ouderkop; - de persoonsgebonden aftrek van de kinderalimentatie kwam te vervallen. Eerder, in januari 2013, is de rekenmethode gewijzigd waardoor het KGB (destijds nog zonder alleenstaande-ouderkop) in mindering kwam op de behoefte van het kind. De Expertgroep Alimentatienormen adviseerde om – bij het berekenen van de kinderalimentatie – het KGB volledig in mindering te brengen op de behoefte van het kind. Al snel, op 9 januari 2015, negeerde de rechtbank Den Haag dit advies. De rechtbank telde de alleenstaande-ouderkop bij het inkomen op om daarmee de draagkracht te berekenen. De reden hiervoor was dat in sommige gevallen met het KGB volledig in de behoefte kon worden voorzien en er geen kinderalimentatie meer betaald hoefde te worden. De rechtbank vond het maatschappelijk gezien niet aanvaardbaar dat de behoefte van een kind volledig gefinancierd zou worden door gemeenschapsgeld, terwijl bij de niet-hoofdverzorgende ouder wel ruimte (draagkracht) is om een kinderalimentatie te betalen. De rechtbank Noord-Holland locatie Haarlem volgde en andere rechtbanken bleven twijfelen. Hiermee ontstond rechtsonzekerheid. Op 9 oktober 2015 kwam de Hoge Raad met het verlossende woord: het KGB wordt volledig in aanmerking genomen bij het berekenen van de draagkracht van de ouder die het KGB ontvangt. Dit heeft een groot aantal herzieningen tot gevolg gehad, waarmee een einde aan de discussie leek te komen. Niets is echter minder waar, de discussie is nog niet over. De discussie die nu voor ligt is of bij het berekenen van de partneralimentatie ook rekening gehouden moet worden met het KGB. Als het KGB bij het inkomen wordt opgeteld, is dit dan van invloed op de behoefte van de alimentatiegerechtigde? De rechtbanken Rotterdam en Oost-Brabant hebben inmiddels beslist dat het KGB ook bij het berekenen van de partneralimentatie in aanmerking wordt genomen. In het laatste geval resteerde er daardoor geen behoefte meer en was er dus geen reden om een partneralimentatie vast te stellen. Ook het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden volgt deze lijn met die nuancering dat bij het berekenen van de partneralimentatie ook rekening wordt gehouden met de bijdrage van deze ouder in de kosten van het kind als maandelijkse last (waardoor de behoefte weer toeneemt). Het gerechtshof Den Haag heeft een andere mening. Het gerechtshof ziet het KGB als aanvullende ondersteuning voor de hoofdverzorgende ouder welke buiten beschouwing dient te blijven. De hoogte van het KGB is afhankelijk van de hoogte van de partneralimentatie, dus als de hoogte van de partneralimentatie afhankelijk wordt van de hoogte van het KGB dan komt men in een cirkelredenering terecht die (volgens het gerechtshof) niet te doorbreken is. De discussie lijkt te herleven, maar heeft zich verplaatst van de kinderalimentatie naar de partneralimentatie. Het is wachten op het moment dat de Hoge Raad ook voor deze gevallen een definitief antwoord geeft. Tot die tijd blijven we in het ongewisse over de methode die wij moeten hanteren en blijft het voor ons moeilijk om uit te leggen waarom het verschil kan maken bij welke rechtbank u procedeert . Mocht u nadere informatie willen over dit onderwerp of een afspraak willen maken dan kunt contact opnemen met een van onze familierechtadvocaten: Knuwer advocaten Alkmaar: Eveline Dirks
Knuwer advocaten Den Helder: Nicolette Plat